Scholengemeenschap van Onafhankelijke Methodesholen vzw
Scholengemeenschap van Onafhankelijke Methodesholen vzw

 

Begin juli 2003 hebben de FOPEM-scholen een uitzondering gekregen om een scholengemeenschap te vormen in een geografisch veel groter gebied dan de voorziene drie aangrenzende zones.

 

Voor 1 augustus 2003 moest aan de overheid worden opgeven met welke scholen we een scholen­gemeenschap vormen. Vanwege de korte voorbereidingstijd is besloten om via een samenwerkingsovereenkomst een scholengemeenschap met de FOPEM-scholen te vormen en om de 43 stimuluspunten die aan de scholengemeenschap werd toegekend te gebruiken om een werkgroep te installeren die de scholengemeenschap vanaf september 2004 goed en degelijk voorbereidt.

 

Op 5 mei 2004 is de S.O.M. vzw opgericht door 10 FOPEM-scholen en op 1 september 2004 is de SOM van start gegaan met deze 10 scholen en met een voltijdse SOM-coördinator, Wim D'Hulster.

 

Structuur

 

Vanwege de verantwoordelijkheden naar de overheid en naar de scholen binnen de scholengemeenschap was het, zeker op langere termijn, noodzakelijk om een aparte vzw op te richten om de scholengemeenschap te vormen. Elke school zorgt voor twee gemandateerden en er wordt naar gestreefd om één van die twee in de raad van bestuur te laten zetelen. De raad van bestuur kan eventueel aangevuld worden met deskundigen buiten de algemene vergadering. Elke school heeft in de algemene vergadering één stem per vestigingsplaats.

 

De autonomie van de scholen

 

In het huishoudelijk reglement wordt de autonomie van de scholen duidelijk vastgelegd. Er worden dus geen bevoegdheden overgedragen van de school naar de scholengemeenschap, integendeel zoveel mogelijk worden de bevoegdheden bij de scholen gehouden. De enige beperkende voorwaarde voor de individuele autonomie van de scholen is dat er geen negatieve of beperkende invloed mag uitgeoefend worden op de scholengemeenschap als geheel. Belangrijkste toepassing hiervan is het benoemingsbeleid van de scholen, hierover is in consensus een afspraak gemaakt waaraan de individuele scholen zich houden.

 

Verdeling van middelen en onkosten

 

Zowel de eventueel te verdelen of samen te leggen punten voor de werking van de SOM voor een bepaald schooljaar worden verdeeld op basis van het aantal getelde kleuters en leerlingen op de eerste schooldag in februari van het kalenderjaar waarin het schooljaar start. De onkosten van de SOM worden gefinancieerd met een (elk jaar in de begroting afgesproken) percentage van de werkingstoelage van elke SOM-school.

 

 

Hieronder een paar foto's van het laatste coördinatoren weekend.