Veel gestelde vragen

 

 

Hoe lang bestaat Klimop reeds?

Klimop is gestart in september 1991. Klimop is de pionier van het freinetonderwijs in Brugge en was toen dan ook de eerste freinetschool in Brugge. Na vele omzwervingen hebben we nu sinds februari 2002 onze vaste stek gevonden in Kasteel Macieberg in Oostkamp.

 

Waarom kiezen voor freinetonderwijs?

In een traditionele school wordt er vooral aandacht besteed aan de intellectuele ontwikkeling van de kinderen. Het is inderdaad super belangrijk dat kinderen leren lezen, schrijven en rekenen.

De grote meerwaarde van het freinetonderwijs is dat er rekening gehouden wordt met de totale ontwikkeling van elk kind. Naast de intellectuele ontwikkeling krijgen ook sociale vaardigheden, zelfexpressie, creativiteit, zelfstandigheid enz. een gewaardeerd plekje. Naast kennen en kunnen, mogen de kinderen ook voelen en zijn. Op deze manier ontwikkelen zij een positief zelfbeeld en groeien ze uit tot zelfstandige mensen met een sterke persoonlijkheid.

 

Zijn jullie erkend door de overheid ?

Ja, we zijn een vrije onafhankelijke school die erkend is door het ministerie van onderwijs. We zijn dus geen privéschool! Dit houdt ondermeer in dat...

  • de kinderen op het einde van het zesde leerjaar een erkend getuigschrift “basisonderwijs” kunnen behalen.
  • de onderwijsinspectie de kwaliteit van ons aangeboden onderwijs komt controleren. We kregen reeds 2 schooldoorlichtingen met telkens een schitterend resultaat.
  • we van de overheid subsidies ontvangen om het dagdagelijks runnen van de school mogelijk te maken
  • 11 jaar geleden ons groot “bouwproject Kasteel Macieberg” werd goedgekeurd. 
  • de begeleiders (=leerkrachten) hun loon rechtstreeks ontvangen vanuit het ministerie van onderwijs.
  • Klimop een welbepaald leerplan moet volgen en de kinderen de eindtermen dienen te halen op het einde van het zesde leerjaar

 

Is Klimop een school voor buitengewoon lager onderwijs?

Hierop is het antwoord klaar en duidelijk: Nee!

 

1. In onze vorm van onderwijs worden dezelfde eindtermen en ontwikkelingsdoelen gehanteerd als in het traditionele kleuter-, lageronderwijs.

2. Ook het kind-volgsysteem in het freinetonderwijs is gelijklopend aan het traditionele onderwijs.

3. Enkel de manier van lesgeven is ervaringsgericht en daarom beduidend anders. 

 

Is Klimop een school voor kinderen met leerproblemen of gedragsproblemen of is ze voor elk kind geschikt?

Onze school is een gewone basisschool voor gewone kinderen. Dat wil zeggen dat wij ons onderwijs richten op dezelfde kinderen als de gewone scholen. Kinderen met leerproblemen kunnen soms wel en soms niet bij ons terecht. Dat hangt af van de bron van die problemen. Als ze bijvoorbeeld veroorzaakt zijn doordat het eerder type onderwijs niet aansloot bij de persoonlijkheid of de achtergrond van het kind, daar kan een Freinetaanpak wonderen doen. Als de problemen diep uit het kind zelf voortkomen is een speciale benadering nodig, en verwijzen wij, in samenspraak met het CLB, door naar een beter geschikt onderwijstype. Er geldt dus steeds dat bij de inschrijving gekeken moet worden of de freinetaanpak bij het kind zal passen of dat er fundamentelere problemen zijn. Zie verder bij onze visie over zorg.

 

Wat met de overstap van Klimop naar het secundair onderwijs ?

Op regelmatige tijdstippen bevragen wij “ex”-Klimoppers, leerkrachten en directies van secundaire scholen over het functioneren van de Klimoppers in de "grote school". Dit zijn hun bevindingen:

 

  • De Klimopkinderen zijn gemotiveerd en zijn zeker nog niet schoolmoe. Ze zijn bereid om taken, opdrachten, … aan te pakken zonder dat er punten aan verbonden zijn.
  • Ze zijn sociaal gericht. Dit merk je duidelijk aan het feit dat ze heel gemakkelijk de leerkrachten en directie durven aan te spreken, ze het opnemen voor de sociaal zwakkere in de groep, … .
  • Er geen “cognitieve” achterstand is in vergelijking met kinderen uit het traditioneel onderwijs. 
  • Hoe ouder de kinderen worden, hoe meer Klimoppers er positief “uitspringen”. De aangeleerde vaardigheden omtrent zelfsturing, planning, leren leren, … beginnen volop te renderen vanaf een derde jaar secundair onderwijs.
  • De overstap naar het secundair onderwijs voor alle kinderen – om het even uit welke basisschool ze vertrokken zijn – een grote sprong is.

 

Hoe worden de kinderen met leermoeilijkheden opgevolgd?

De leerkracht staat niet voor de klas, maar begeleidt de kinderen individueel. Er is geen taakklas. Wel is er een breed teamverband tussen ouders, leerkrachten en kinderen. Op regelmatige basis zijn er overlegmomenten binnen het leerkrachtenteam, met de zorgcoördinator en indien nodig met de clb-medewerkers. Dat maakt dat leerproblemen sneller gesignaleerd en vastgesteld kunnen worden. De doorverwijzing naar eventuele specialisten of meer aangepast onderwijs verloopt daardoor vlotter. Meestal kan echter een groot deel van de leerproblemen reeds in de klas of thuis, in samenspraak met de leerkracht en CLB opgevangen worden.

 

Wordt er op heel wat momenten een beroep gedaan op ouders ?

We zijn een coöperatieve school. Dit uit zich niet alleen in de manier van werken met de kinderen en de klasorganisatie. Onder het motto “samen kunnen we meer dan alleen” worden ook de ouders actief betrokken bij de schoolwerking. Het “samen school maken” vertaalt zich voor de ouders ondermeer in

  • de mogelijkheid om de kinderen ’s morgens tot in de klassen te begeleiden. Ouders hoeven niet te wachten aan de poort of aan welbepaalde lijn.
  • het mee nadenken met andere ouders over de klaswerking tijdens een aantal klasoverleggen gedurende het schooljaar.
  • een actieve participatiemogelijkheid in diverse werkgroepen zoals werkgroep ondersteuning, werkgroep inrichting, werkgroep pr, werkgroep feest, rvb,....
  • het helpen ondersteunen van heel wat klas- en schoolactiviteiten. Zo kunnen ouders helpen bij het zwemmen, het voorlezen, het uitwerken van projecten, het begeleiden van groepjes tijdens uitstappen, het aanleren van bepaalde technieken, het koken en bakken, … .
  • het samen nadenken over de visie van de school tijdens diverse soorten van overlegmomenten.
  • het feit dat wie zin heeft om ’s morgens samen met de begeleiders en andere ouders een potje koffie te drinken zomaar de Schapenstal (secretariaat) kan binnenlopen.
  • een schoolorganisatie waarbij de schoolinformatie voor iedereen bereikbaar, beschikbaar en transparant is.
  • een school als een oefenplaats voor democratie

 

Zijn er regels en afspraken binnen Klimop?

In onze school gelden er belangrijke afspraken, namelijk respect voor de andere, respect voor de natuur en respect voor materiaal. Vanuit deze 3 basisregels werken, spelen, leven, … de kinderen en volwassenen samen.

Zinloze regels en een overdaad aan afspraken proberen we zo veel als mogelijk te bannen uit onze school.

Indien er toch iets fout loopt wordt er niet zomaar gestraft. Tijdens een gesprek brengen we het kind tot inzicht in de gevolgen van zijn gedrag, houding, … voor de “andere”. We proberen het kind zelf te doen nadenken hoe het in de toekomst zo’n probleemsituaties kan vermijden en/of oplossen. Het betrokken kind dient ook steeds te zoeken hoe iets goed kan gemaakt worden voor de “slachtoffers”.

De kinderen worden eveneens actief betrokken bij het organiseren van het klas- en schoolleven. Zo wordt bijvoorbeeld tijdens de schoolraad gesproken over de afspraken in de kampen.

 

Krijgen de kinderen binnen Klimop op regelmatige tijdstippen huiswerk?

De gekende reken- en taalopdrachten die door alle kinderen, tegen hetzelfde tijdstip, thuis dienen opgelost te worden, hanteren we niet binnen onze school. Huiswerk krijgt bij ons een andere invulling. Als kinderen een “huistaak” krijgen dan is dit een opdracht die verbonden is met de klaswerking. Zo dienen kinderen misschien bepaalde zaken op te zoeken omtrent het klasproject. Of, zijn bepaald kinderen verantwoordelijk om een aantal boodschappen uit te voeren. Met andere woorden huistaken binnen Klimop zijn zinvolle opdrachten. Opdrachten om de leerstof eigen te maken dienen immers op school plaats te vinden.

 

De school is pluralistisch en onafhankelijk. Behoren jullie tot een welbepaalde zuil en wordt er godsdienst onderwezen?

Er wordt geen godsdienstonderricht op onze school gegeven. Indien mogelijk wordt er naar aanleiding van Kertstmis, de ramadan, de eerste en plechtige communie, … tijdens de projectwerking, de rondes, … gepraat over de diverse godsdiensten. Zo gebeurt het regelmatig dat kinderen godsdiensten met elkaar vergelijken of vertellen over hun eigen geloofsovertuiging. Als school gaan wij echter niet één bepaalde geloofsovertuiging verkondigen. We vinden het wel belangrijk dat kinderen respect opbrengen voor ieders geloof en zich gaandeweg een eigen mening en al of niet een geloofsovertuiging opbouwen. Ouders bundelen bij ons de krachten om na de schooluren bijvoorbeeld kinderen voor te bereiden op hun eerste communie. Dit is echter volledig vrijblijvend en wordt niet door de school georganiseerd. Als school behoren wij ook tot geen enkel schoolnet, noch tot een politieke of religieuze zuil. We zijn wel medestichters en actieve participanten bij Fopem, de Federatie van Onafhankelijke Pluralistische Emancipatorische Methodescholen.

 

Werkt Klimop met een beperkt aantal kinderen ?

Ja, we laten 20 kinderen per geboortejaar toe. Tijdig inschrijven is dan ook de boodschap ! Naast argumenten omtrent veiligheid, vinden we het ook belangrijk dat kinderen goed en van nabij kunnen gevolgd worden door de begeleider. Vandaar dat we met kleine klasgroepen van maximaal 20 kinderen werken. 

 

Waarom werken jullie met heel wat graadsklassen?

Hiervoor zijn er heel wat pedagogische argumenten. De hoofdargumenten zijn:

  • We vinden het belangrijk om kinderen in diverse sociale rollen te laten functioneren. Dit houdt in dat ieder kind binnen een graadsklas één jaar één van de jongsten is en één jaar het desbetreffende kind één van de oudsten zal zijn. Zo zal het kind het eerste jaar vooral in een “ontvangende” rol zitten. Het tweede jaar zal dit kind echter vaardigheden leren vanuit een “gevende, oudere” rol.
  • Een graadsklas is een dynamische groeperingsvorm. Dit zorgt er ondermeer voor dat er geen “vaste groepen” ontstaan vanaf het 2e leerjaar tot en met het zesde leerjaar. Integendeel, ieder schooljaar is de groepssamenstelling gedeeltelijk veranderd waardoor kinderen telkens de kans krijgen om andere rollen, andere posities, … binnen de klasgroep op te nemen.
  • Daar de begeleider de kinderen ook 2 schooljaren in zijn klasgroep heeft, leert hij de kinderen vanuit de diverse rollen kennen. Etiketjes kleven (kind X is zo !) gebeurt dan ook niet bij ons.
  • Naast de degelijke sociaal emotionele ontwikkeling van de kinderen binnen de graadsklas, is het voor de begeleider mogelijk om heel sterk te gaan differentiëren en in te spelen op de diverse niveaus van de kinderen.

 

Wordt er getoetst in Klimop en hoe worden de vorderingen van de kinderen aan de ouders bekendgemaakt?

De leerkracht evalueert voortdurend samen met de kinderen. Dat gebeurt door middel van toetsen, maar ook door sterke individuele begeleiding en observatie. De prestaties worden echter niet omgezet in cijfers. Cijfers zeggen immers slechts iets over een klein deel van het leven. Toch wordt er een rapport opgesteld. Dat rapport wordt tweemaal per jaar (januari en juni) meegegeven. Het rapport bevat niet enkel de verstandelijke vorderingen. Het proces dat aan de resultaten voorafgaat is immers even belangrijk. En hoe een kind tot een resultaat kwam, hoe een kind zich voelt in een groep, hoe het met werkhouding is gesteld, hoe de gevoelstoestand is, het wordt uitvoerig in onze rapporten besproken. Bovendien worden niet enkel de sterke en de zwakke punten vermeld, er wordt ook gezegd wat er gedaan wordt om die toestand te verbeteren. Doordat we niet werken met punten, maar wel met uitgeschreven teksten, kunnen kinderen zich niet met anderen vergelijken, enkel met zichzelf. Het kind wordt ook persoonlijk aangesproken in het rapport. Zo wordt het gerespecteerd en gestimuleerd om zijn eigen verantwoordelijkheid op te nemen. Minstens tweemaal per jaar (oktober, januari en juni) worden de ouders uitgenodigd voor de bespreking van het rapport. Ook tijdens het schooljaar worden de vorderingen zoveel mogelijk informeel meegedeeld.

 

Vanaf wanneer is de school open? Is er een kinderopvang?

Je kunt in Klimop de kinderen 's ochtends brengen vanaf 7.30 uur. Om 8.40 uur beginnen we met de lessen. Tijdens de middag is er een pauze van 12.00 uur tot 13.10 uur. We stoppen om 16.00 uur. De woensdag stoppen we om 11.30 uur, vrijdag om 15.00 uur.

Er is avondopvang in Klimop voorzien tot 18.00 uur, ook op vrijdag. Uitgezonderd de woensdag, dan loopt de opvang tot 12.30 uur. Zie verder in de infomap van Klimop.

 

Kunnen de kinderen ’s middags picknicken of biedt Klimop ook warme maaltijden aan?

De kinderen kunnen over de middag ofwel hun picknick ofwel een warme maaltijd verorberen. Om de organisatie van de warme maaltijden vlot te laten verlopen, dient er wel voor een langere periode ingeschreven te worden. 

Meer hierover lees je ook in de infomap.

 

Mogen kinderen van een freinetschool alles? Leidt de freinetpedagogiek dan niet tot structuurloze kinderen?

We proberen in onze school situaties te creëren waar iedereen optimaal met elkaar kan samenwerken. Natuurlijk zijn er dus op onze school ook regels en afspraken nodig. Kinderen hebben een duidelijke structuur binnen duidelijk afgebakende grenzen nodig. Zo leren ze omgaan met hun vrijheden en verantwoordelijkheden. Stukje voor stukje worden de grenzen uitgebreid als blijkt dat ze dit aankunnen.

Afspraken worden gemaakt in de klas en op de schoolraad. De schoolraad bestaat uit twee afgevaardigden uit elke klas, vanaf het derde kleuter. Daar worden voorstellen gedaan, afspraken, die het hele schoolgebeuren aangaan, opgesteld en besproken.

Als regels of afspraken overtreden worden, spreken kinderen elkaar aan. Dit is echter een vaardigheid waar ze in de loop der jaren mee leren omgaan.

 

Freinetkinderen worden getraind in assertiviteit. Leidt dat niet tot agressiviteit? En wat met verlegen kinderen?

Jezelf op een degelijke manier kunnen uiten en verwoorden, vinden wij belangrijk. Het komt al eens voor dat de kinderen hun mening laten horen op een iets minder elegante manier. De leerkracht wijst hen hierop en probeert hen stap voor stap met hun eigen assertiviteit te leren omgaan. Je hebt kinderen die gemakkelijk naar voren treden en kinderen die liever in een hoekje zitten. In plaats van de verbaal sterken verbaal sterker te maken, zorgen wij ervoor dat zij leren wat luisteren naar anderen is. En in plaats van de verbaal zwakkeren in een hoek te drummen, proberen wij hen het plezier en de kracht van het woord te doen ontdekken. Jezelf als mens goed voelen, heeft immers weinig te maken met hard roepen of weinig vertellen, maar alles met eigenwaarde. Elk kind heeft zijn eigen persoonlijkheid en die mag herkenbaar blijven.